Home Kijk & Lees Voormalig legercommandant Mart de Kruif: ‘Kerst is dat we net als Jezus, licht brengen in de harten van mensen’

Voormalig legercommandant Mart de Kruif: ‘Kerst is dat we net als Jezus, licht brengen in de harten van mensen’

Hij diende in Afghanistan en stond aan het hoofd van duizenden militairen. Hij is een man die leiderschap koppelt aan menselijkheid. Maar bovenal is hij een denker die nieuwsgierig en bevlogen is en wars van routine. Hij houdt van nieuwe uitdagingen. Luitenant-generaal b.d. Mart de Kruif is veteraan, spreker en inmiddels ook theatermaker. ‘Een beetje als Pippi Langkous: ik heb het nog nooit gedaan, maar ik denk wel dat ik het kan’, zegt hij met een brede glimlach.

Vlak voor de voorstelling Veldheren in ‘Theater De Leest’ vuurt HoopMagazine vragen af op de voormalig luitenant-generaal. Hij komt rechtstreeks van een congres en heeft net even snel gegeten voordat de voorstelling straks gaat beginnen. De felle make-uplampen op de spiegels in de kleedkamer verlichten zijn gezicht. Hij zit ontspannen onderuit, maar is messcherp in zijn formulering. Hij praat over doen en creëren, over goed leiderschap. Zijn toon is nieuwsgierig en ongedwongen, de inhoud indringend. Hij neemt je mee langs morele keuzes, de prijs van verantwoordelijkheid en kinderlijke verwondering. De Kruif: ‘Als je het kind in jezelf kwijt bent, dan ben je een arm mens. Als je je nergens meer over kunt verheugen, enthousiast over zijn, je nergens meer over kunt verbazen of verwonderen, of gewoon lekker boos zijn, dan mis je iets wezenlijks.’

We kunnen niet aan de kant blijven staan

Voormalig luitenant-generaal Mart de Kruif over zijn drijfveer

Liefde voor voetbal

Mart de Kruif groeide op als jongste met twee broers boven hem. Zijn ouders waren gelovig, dus ging dejonge Mart mee naar de kerk. Niet elke zondag, maar wel regelmatig. ‘Mijn moeder was geloviger dan mijn vader, dus dat ritme tussen die twee botste een beetje. Mijn oudste twee broers hebben belijdenis gedaan. Ik niet. ‘Ik wilde profvoetballer worden’, zegt hij lachend. ‘Er was geen plaats voor de kerk in mijn leven. Dat is natuurlijk een geintje, want je komt er al heel snel achter dat je dat helemaal niet kan. Dat er jongens zijn die veel meer talent hebben dan jij. Ik was gewoon hartstikke gek van voetbal en moest het hebben van mijn loopvermogen en mijn fanatisme. Ook had ik aardig inzicht. Dus ik voetbalde op dinsdag en donderdag en op woensdag trainde ik de pupillen. Zaterdag speelde ik zelf. Ik mocht niet op zondag voetballen van mijn ouders. Niet dat ze dat echt op die manier gezegd hebben, maar ik merkte dat ze mij liever naar een andere vereniging zagen gaan die op zaterdag voetbalde. Dus dat heb ik gedaan.’

Onrecht bestrijden

‘Ik heb me uiteindelijk niet afgekeerd van de kerk hoor. Ik ben gelovig en God is voor mij een entiteit die probeert om jou het goede te laten doen. Kijk, we hebben onze mond vol over normen en waarden, maar dat is wat de maatschappij jou elke dag via de media geeft. Maar de vraag is: wat geef jij terug aan de maatschappij? Een goede vriend van mij noemt dat een deugd. Ligt er bijvoorbeeld een auto ondersteboven in het water, vindt iedereen dat erg, maar hoeveel mensen springen in het water? Ik denk dat het geloof zegt: je kunt niet langs de kant blijven staan. Je moet wat doen. Het is zeker geen toeval dat aan het begin van de Tweede Wereldoorlog het meeste verzet kwam uit communistische kringen én gereformeerde kringen, want dat was verankerd in het geloof. Je moest onrecht bestrijden, dat is wat je moest doen. Dat is natuurlijk ook wel een motivatie geweest voor mij om in het leger te dienen en op missie te gaan. Je kunt wel thuisblijven, maar daar wordt het ook niet beter van.’

Je moest onrecht bestrijden, dat is wat je moest doen

Over wat hij van huis uit meekreeg

Eerst nadenken

‘Soms moet je kwaad met kwaad vergelden, soms moet je de andere wang toekeren. Maar volgens mij moet je vooral kijken waar het kwaad vandaan komt. Ik moet denken aan de woorden van de bokstrainer op de Koninklijke Militaire Academie. Die zei: “Als je ruzie krijgt in een kroeg, moet je maar één ding doen. Weglopen.” Daar had hij volkomen gelijk in, maar dat wil niet zeggen dat je geen geweld mag gebruiken als het kwaad zodanig is dat alles waar je in gelooft, overschreden wordt, zoals gebeurde in de Tweede Wereldoorlog. Het is niet per definitie zo dat je geweld gebruikt, maar dat je je heel goed bewust bent onder wat voor omstandigheden je wél geweld gebruikt. Soms is het beter om te incasseren. De ander de wang toekeren, is soms accepteren dat dingen niet altijd gaan zoals je wilt. Dat je soms wordt beledigd of dat mensen jou of jouw naasten pijn doen. En dan moet je je goed afvragen: ga ik er nu wat aan doen of niet? Ik heb heel vaak gemerkt in Afghanistan dat niet te vroeg handelen of niet handelen vaak hele goede opties zijn, want dan handel je niet vanuit emotie, waarmee je de schade vaak groter maakt. Britten zeggen: “Officers don’t run.” Dat vind ik wel een hele mooie. Ze raken niet in paniek, maar gaan eerst even denken.’

Ego opzij zetten

Een voorbeeldfiguur heeft De Kruif niet echt, want zoals hij zelf zegt, houdt hij niet zo van ‘heldenverering’. Maar als hij dan toch moet kiezen, kiest hij voor mensen ‘die over hun eigen schaduw heen durven te springen.’ De Kruif vervolgt: ‘Mensen die ervan overtuigd zijn dat ze zichzelf moeten veranderen om de wereld beter te maken. Adenauer (voormalig Duitse politicus) was zo iemand. Hij zei: “Als wij ons niet verzoenen met Frankrijk en we brengen Europa niet samen – na drie oorlogen in 1870 en 1914 en 1945 tussen Duitsland en Frankrijk – dan geef ik de wereld fout door aan mijn kinderen en kleinkinderen.” Rabin (voormalig premier van Israël – red.) is een schoolvoorbeeld: hij was militair en toen hij moest vechten, deed hij dat. Maar wat hij uiteindelijk wilde, was de hand reiken aan de Palestijnse leider Arafat en dat heeft hij ook gedaan. Dat zijn mensen die voorbeelden zijn. Ze stappen over hun eigen ego heen. Ze deden wat moest gebeuren, terwijl dat soms tegen hun eigen opvattingen, eigen cultuur en geschiedenis inging. En dat staat haaks op het opportunisme dat je vaak in de politiek ziet. “Hoe kan ik morgen stemmen winnen? Als ik macht heb, kijk ik wel weer verder.” Maar ik denk, als je eerlijk bent tegen mensen, ben je veel geloofwaardiger. Dat is het verschil tussen een politicus en een staatsman.’

De vraag is: wat geef jij terug aan de maatschappij?

Ellende in de wereld

De Kruif heeft in zijn carrière veel ellende gezien wereldwijd. Hoe ga je hiermee om als mens? Er zijn veel militairen met PTSS. Hoe kan het dat hij dat niet heeft?
‘Heel veel mensen denken dat het na een jaar of zo komt, maar dat kan ook later komen. Ik weet niet of ik het krijg. Ik denk dat ik mijn karakter mee heb, maar ik weet ook dat je niet alles kunt beheersen. Dat het leven niet altijd eerlijk is. Waarom krijgt een meisje van vier leukemie? Waarom verliest een jongen door een ongeluk beide benen, bouwt hij daarna een gezin op en een carrière bij de marechaussee, om vervolgens op zijn 36e te horen dat hij ALS heeft? Wat is daar eerlijk aan? Ik ga weleens met die vragen naar God, want waarom laat Hij Dennis van Uhm (zoon van Commandant der Strijdkrachten P. van Uhm – red.)) op zijn eerste dag sneuvelen? Wat een rare God is dat, toch? Aan de andere kant weet ik dat dit ook van alle tijden is, dat jonge mannen en vrouwen sneuvelen in een oorlog. Uiteindelijk, als het weer rustig is in je hoofd, kom je erachter dat God dat natuurlijk niet doet. Hij geeft ons de vrijheid om keuzes te maken en wij zijn verantwoordelijk voor onze keuzes. Uiteindelijk doen wij het zelf.’

Grootste levensles

‘Door de jaren heen heb ik geleerd hoe ontzettend sterk een mens is. We hebben de neiging om alles wat niet goed is aan een mens, weg te willen poetsen of op te lossen. Ik mocht de Invictus Games (internationaal sportevenement voor militairen die door of tijdens de dienst gewond raakten- red.) organiseren in Nederland en daar komen 500 deelnemers. Geen van hen is zielig, ook al missen ze benen of armen. Zij zeggen: “Het gaat me niet om wat ik niet meer kan. Beoordeel mij op wat ik wél kan!” Dat is ook een hele levensles die je gewoon meekrijgt. Wij denken vaak in beperkingen, maar als je mensen uitdaagt en in hun kracht zet, blijken ze veel meer te kunnen. We schrijven heel veel jongeren af, omdat ze geen MBO 2 hebben of geen papiertje. Dan kunnen ze bijvoorbeeld niet in dienst. Maar we zouden moeten kijken naar de potentie van iemand, dan hebben ze maar geen papiertje. Kijk hoe ze zich kunnen ontwikkelen. Dat is niet zo moeilijk. Gewoon doen.’

Licht brengen

‘Toen ik in 2008 in Afghanistan was met mijn mannen, werd het Kerst. Dat vergeet ik nooit meer. We konden geen Kerst vieren met onze dierbaren thuis, dus ons hoofdkwartier was een soort vervanging daarvoor. Ik hield een kersttoespraak en vertelde hoe het mij opviel dat onze omstandigheden verrassend vergelijkbaar waren met ruim tweeduizend jaar geleden in Bethlehem. Het registratieproces van Jozef en Maria toen en van de Afghaanse bevolking toen. De centrale regering die samen met lokale machthebbers probeerde aan de macht te blijven. De maatschappelijke onrust en weinig geloof in de toekomst. Te midden daarvan werd de zoon van God geboren: Jezus. Hij liet zien dat liefde sterker is dan haat, respect krachtiger dan discriminatie en hoop krachtiger dan het kwaad. Jezus leert ons dat het soms nodig is om offers te brengen om deze wereld beter te maken. In Afghanistan deden we dat en betaalden een enorme prijs. Sommigen met hun leven. Het is nu aan ons om ervoor te zorgen dat deze offers niet tevergeefs zijn en dat we net als Jezus licht brengen in de harten van mensen. Dat is voor mij Kerst!’

Mart de Kruif was te gast in Hour of Power op 28 september 2025. Kijk hier terug.

Wil jij een optimale website? Dan hebben we wat cookies van je nodig. Pas mijn voorkeuren aan