Home Ben je een zondaar of een heilige?

Opening

 

In 1970 ging een tv-programma van start dat miljoenen mensen anders naar het geloof deed kijken:

Hour of Power. Dit is de dag die de Here heeft gemaakt. Laten we ons verheugen. Nog altijd laat Hour of Power een nieuw geluid voor een nieuwe generatie horen. Als je op God vertrouwt, kan niks je tegenhouden. Want wat uw omstandigheden en problemen ook zijn dit moment kan uw uur van kracht zijn.

 

Samenzang – Joyful, Joyful

 

Vreugde, vreugde, louter vreugde is bij U van eeuwigheid.

Schepper, die ’t heelal verheugt en bron van eeuw’ge vreugde zijt.

Gij, die woont in licht en luister drijf de schaduwen uiteen hij, die zoekend

Doolt in ’t duister vindt het licht bij U alleen. Amen! Amen! Amen!

 

Welkomstwoord

Door Bobby Schuller en Hannah Schuller

 

Dit is de dag die de Here gemaakt heeft. Wij verheugen ons daarover. Goedemorgen. Welkom, bezoekers van de kerk van Shepherd’s Grove. Fijn dat jullie er zijn. En welkom, kerkfamilie. Bedankt voor jullie komst. Augustinus heeft gezegd: Er is geen heilige zonder verleden en geen zondaar zonder toekomst. Nogmaals dank voor jullie komst. Jullie zijn geliefd. Prachtig citaat. Wij gaan het vandaag hebben over hoe in ons allen een heilige en een zondaar schuilt en wat het betekent om daar eerlijk over te zijn en ontspannen mee om te gaan. Fantastisch dat wij hier vandaag Ken Medema hebben.

Ken is zijn leven lang al blind, maar hij ziet heel scherp. Dat is iets moois van Kens missie. Na elke preek improviseert hij een lied waarvan je nooit weet wat het wordt. Maar het is altijd iets bijzonders. Wij zijn blij met jullie komst. Wij beginnen met een gebed.

 

Gebed

 

Vader, wij danken U dat U van ons houdt. Wij danken U, dat U ons in uw huis hebt bijeengeroepen omdat U ons liefhebt en bij ons wilt zijn. Ik bid in Jezus’ naam dat iedereen die deze plaats verlaat

bemoedigd zal zijn, met een vervuld hart en levend geloof in U. Wij houden zoveel van U. In Jezus’ naam bidden wij, amen.

 

 

 

 

 

 

Koor – “To the Lamb on the Throne” 

Waardig het Lam, waardig het Lam

Gij dienaren Gods verkondig de roem van uw Meester

Maak zijn grote naam wijd en zijd bekend

Verheerlijk de naam van Jezus

Zijn Koninkrijk is roemrijk Hij heerst over allen

 

Waardig het Lam, waardig het Lam

Redding van God die zit op zijn troon

Laat allen luide roepen en eer brengen aan de Zoon

Een lofzang voor Jezus brengen de engelen ten gehore

Ze werpen zich op hun knieën en aanbidden het Lam

 

Waardig het Lam, waardig het Lam

Laat ons aanbidden en Hem geven wat Hem toekomt

Alle glorie en kracht, alle wijsheid en macht

Alle eer en zegen, met de engelen daarboven

En dank nimmer eindigend en oneindige liefde

Waardig het Lam, waardig het Lam

Waardig, waardig het Lam

 

Schriftlezing – Lukas 18:9-14

door Hannah Schuller

 

Ter voorbereiding op de boodschap lees ik Lukas 18:9. Met het oog op sommigen die van zichzelf overtuigd waren dat zij rechtvaardig waren en alle anderen minachtten, sprak Jezus deze gelijkenis:

Twee mensen gingen naar de tempel om te bidden. De één was een Farizeeër en de ander een tollenaar. De Farizeeër stond daar en bad dit bij zichzelf: O God, ik dank U dat ik niet ben zoals de andere mensen: rovers, onrechtvaardigen, overspelers of ook als deze tollenaar. Ik vast tweemaal per week. Ik geef tienden van alles wat ik bezit. En de tollenaar bleef op een afstand staan en wilde ook zelfs zijn ogen niet naar de hemel opheffen maar sloeg op zijn borst en zei: O God, wees mij, de zondaar, genadig. Ik zeg u: Deze man ging gerechtvaardigd terug naar zijn huis in tegenstelling tot die andere.

Want ieder die zichzelf verhoogt, zal vernederd worden en wie zichzelf vernedert, zal verhoogd worden.

Amen.

 

SoloKen Medema – “Hope in God”

Als je onder de woestijnzon verkeert

En je denkt dat je geen kant op kunt

Wat ook het seizoen is,

Jouw leven is de reden

Dat je mag hopen op God

 

Als je moet rennen om in leven te blijven

En je weet geen manier meer te bedenken

Om te overleven

Wat ook het seizoen is,

Jouw leven is de reden

Dat je mag hopen op God

Hopen op God.

 

Zo makkelijk om dat te zeggen

Woorden zijn maar woorden

We weten allemaal wat we moeten zeggen

Net als Job is het moeilijker

Om het ook te doen

Je huis is verdwenen, je vrienden zijn

Vertrokken, je leven trekt uit je weg

Ja, je leven trekt uit je weg

Als die stormwolk de golven opzweept

En je roeibootje is te ver op drift geraakt

Om nog te redden

Wat ook het seizoen is, jouw leven is de reden

Dat je mag hopen op God

 

Hoop op God in de goede tijd

Hoop op God in de slechte tijd

Hoop op God als alle woorden rijmen

Hoop op God als er helemaal niets meer rijmt

Wat ook het seizoen is, jouw leven is de reden

Zing met me mee, dat je mag hopen op God

 

Solo Ken Medema“Oh Lord, You’re Beautiful”

 

U Heer, bent wonderschoon, naar U verlangt mijn hart

En als uw ogen op mij zijn vervuld uw liefde mij

 

O Heer, mijn geloof is klein ik heb U nodig Heer

Door uw Woord en door ’t gebed richt ik mij tot U, Heer

 

Ja, want ik wil uw licht laten schijnen om mij heen

Maar help mij eerst zo te leven, Heer en als ik erin slaag

Laat mij dan slechts U alleen alle eer geven

 

Heer, ontsteek het vuur dat eens brandde, helder schoon

Herstel mijn eerste liefde weer met heil’ge vrees vervuld

 

Ja, want ik wil uw licht laten schijnen om mij heen

Maar help mij eerst zo te leven, Heer en als ik erin slaag

Laat mij dan slechts U alleen alle eer geven

 

U Heer, bent wonderschoon, naar U verlangt mijn hart

En als uw ogen op mij zijn vervuld uw liefde mij

 

Proclamatie met Bobby Schuller

 

Zeg met mij: Ik ben niet wat ik doe of wat ik heb. Ik ben niet wat mensen over mij zeggen. Ik ben Gods geliefde kind. Dat is wie ik ben. Dat kan niemand mij afnemen. Ik hoef me geen zorgen te maken of te haasten. Ik mag vertrouwen op mijn vriend Jezus en zijn liefde delen met de wereld. Dank jullie wel. Ga zitten.

 

Preek“Ben je een zondaar of een heilige?”

door Bobby Schuller

Dank je, Ken. Dat was schitterend. Hopelijk zal Ken na mijn preek een lied zingen die op mijn preek gebaseerd is. Fijn dat je er bent, Ken.

 

Wij gaan vandaag verder met onze serie over het opnemen van je kruis. Het gaat erom dat er talrijke kruizen zijn die we in ons leven moeten dragen. Maar als christenen geloven wij dat er geen kruis is zonder wederopstanding. Als we een moeilijke tijd doormaken, geloven wij ook dat, zolang wij trouw blijven aan God en op Hem blijven hopen, er iets goeds uit zal voortkomen. Wij gaan het vandaag hebben over het belang van nederigheid berouw tonen, erkenning van onze menselijkheid en de manier waarop dat onze relaties met elkaar en met God helpt en hoe groot dat thema is in de Bijbel. Maar het kan moeilijk zijn om die dingen te doen. Het kan moeilijk zijn om te zeggen dat het je spijt en het kan soms moeilijk zijn om nederig te zijn. Vandaag de dag worstelen heel veel mensen met schaamte. Ik wel, in elk geval. Wanneer je in een zwaar religieus milieu opgroeit, vol hel en verdoemenis en je ziet hoeveel schade dat aanricht ben je gauw geneigd om schaamte, iets wat slecht is te vermengen met nederigheid en berouw tonen over je zonden wat juist heel goed is. Niet dat je in je zonde blijft hangen

en altijd beweert hoe slecht je bent of dat je altijd zegt hoe slecht anderen zijn, maar je wordt kwetsbaar.

Je opent je leven voor anderen. Je vraagt om hulp als je die nodig hebt. En dat soort nederigheid helpt ons, in de voetsporen van de Heer te treden en dat is iets heel moois. Ik herinner mij een verhaal. Op de theologische hogeschool wist ik alles. Ik was een betweter. Ik debatteerde met Jan en alleman. Als ik de helft van alle antwoorden had, deed ik of ik ze allemaal had. Dat heb ik nog wel een beetje. Als ik ga discussiëren moet en zal ik winnen, al krijg ik daar wel steeds meer vat op. Laatst waren wij bij vrienden en toen zei Hannah zoiets van… Er ontstond een vriendelijke discussie maar Hannah zei: ho, stop. Besef wel dat mijn man graag uitdaagt. Hij mag jullie graag en hij probeert echt niet, jullie te provoceren. En haar broer, een goede vriend van mij, zei ja, hij praat snel en steeds harder maar hij is echt niet boos. Dat was wel leuk. Ik zie in onze wereld steeds meer opgeblazen ego’s. Dat zie ik omdat ik soms ook zo ben en vroeger zeker. Ik zie het bij politieke en religieuze discussies waarin niemand iets wil leren. Niemand begint aan een politieke of religieuze discussie om iets te leren. Iedereen komt daar om te vertellen waar het op staat. En dat wordt steeds erger. Ik vind het zorgwekkend dat wij als cultuur meer en meer onze ‘klompen verliezen’. Wij verliezen onze nederigheid. Dat het belangrijker is om de waarheid te kennen dan om gelijk te hebben. Wij zijn vergeten hoe wij mensen moeten beïnvloeden. Niemand overtuigt een ander dat zij ernaast zitten door gemeen te zijn. Ook als je gelijk hebt, zijn er manieren om mensen te overtuigen. Dat gaat het beste als je geneigd bent, te leren. De beste manier om te leiden is, te weten hoe je moet volgen. De beste manier om te onderwijzen is, te weten hoe je moet leren. De beste manier om een goed mens te zijn is, het spijt mij te zeggen en te erkennen als je over de schreef bent gegaan. En te erkennen dat wij allen dat doen. Wij allen zijn gebroken, wij allen zijn in de war, wij allen hebben een rugzakje. Wij allen worstelen met dingen. Daarom is het zo heilzaam als iemand kwetsbaar en eerlijk is over waar zij in hun leven staan met hun geloof of wat ook want het geeft anderen ook de vrijheid om normaal te zijn. Wij gaan het hebben over hoe God de nederige verhoogt en de hoogmoedige vernedert. In Lukas 18 snijdt Jezus als Joodse rabbi een heel Joods motief aan. Namelijk dat God de nederige verhoogt en de trotse terechtwijst. Dat doet Hij met een beroemde gelijkenis. Als trouwe kerkganger hoor je dit verhaal elke paar jaar. Het is het verhaal van de tollenaar en de Farizeeër. Wat je moet weten over Farizeeërs in de eerste eeuw, is dat het goeie lui waren. Het waren bewonderenswaardige mensen. De gelijkenis van de tollenaar en de Farizeeër was een literaire vorm die rabbi’s en Schriftgeleerden vaak gebruikten. De rabbi en de tollenaar. De Farizeeër doet het goede en de tollenaar het slechte. En dan zie je het resultaat van de verhaallijn. En Jezus zet dat motief op zijn kop, zoals Hij zo vaak doet. Probeer te vergeten wat je weet over Farizeeërs.

Stel je een voorganger voor die overweldigend heilig en liefdevol is. Stel je iemand als Moeder Teresa voor, een levende heilige want zo zagen de tijdgenoten van Jezus de Farizeeërs. Levende heiligen.

Indrukwekkende mannen van God. Je zou op ze willen lijken. En bij een tollenaar moet je aan een drugsdealer denken. Een boef. Uitschot. Tollenaars deugden echt niet en er waren heel veel fantastische Farizeeërs. Zoals je goede en slechte voorgangers hebt waren er ook fantastische en vreselijke Farizeeën. Denk aan drugsdealers. Tollenaars waren dieven. Als ze belastingen moesten innen, deden ze er wat voor zichzelf bij. Jezus vertelt dat die twee groepen naar de tempel gingen. Volgens het Judaïsme woonde God in de tempel. Dat staat in de Bijbel. Dit is de Tempelberg tegenwoordig. Men neemt aan dat de tempel dicht bij de Koepel van de Rots lag en dat daar de levende God aanwezig was. Hoe dichter je het Heilige der Heiligen naderde, hoe dichter je bij God was. En Jezus vertelt dat de Farizeeër en de tollenaar er allebei heen gingen. De Farizeeër komt heel dicht bij het altaar. Waarom? Omdat hij dat kan. Hij is superheilig. Hij ontstijgt de massa, de gewone burger die net aan zijn verplichtingen voldoet. Hij gaat net dat beetje verder. En dat zegt hij ook. Hij zegt, dank U dat ik niet als hen ben. Ik vast tweemaal per week. Joden worden geacht, eenmaal per jaar te vasten maar hij doet dat tweemaal per week, op maandag en donderdag. En hij zegt dat hij tienden van al zijn

bezittingen geeft. Dat deden Farizeeërs. En niet alleen van hun eigen geld. Als iemand hen betaalde en zij wisten niet zeker of er tienden over betaald waren schonken ze ook daarover tienden. Dubbelop dus.

Is dat slecht? Integendeel. Dat is mooi, dat is heilig. Maar goed, dit is de gelijkenis over iemand die zichzelf beter dan ieder ander vond. Een Farizeeër die de Heer dankt dat hij zo’n rechtschapen mens is. Geen rover of dief en niet zoals die tollenaar daar. De grote menigte, dat zijn de doorsnee-burgers ergens halverwege de tempel die niet veel dichter bij het altaar durven komen. En helemaal achteraan,

in een duistere hoek misschien half verborgen achter een pilaar staat een gebroken man, die weet wat hij is. Hij weet dat hij oude of zieke mensen geld afhandig heeft gemaakt. Dat hij gelogen en bedrogen heeft. Maar hij weet ook dat hij een genadige, heilige God dient. Hij durft zijn blik niet eens op te slaan

naar de hemel. Hij slaat zich op de borst en zegt: Heer, wees mij, zondaar, genadig. En Jezus zegt dat deze man gerechtvaardigd terugkeerde naar huis. Niet die levende heilige die zo dankbaar is dat God hem zo fantastisch gemaakt heeft. Dat is een terugkerend thema in het Oude Testament. Die zin, wie zichzelf verhoogt, zal vernederd worden en wie zichzelf vernedert, zal verhoogd worden, kom je overal in de Bijbel tegen. Veelvuldig in Jesaja en Ezechiël, maar ook op andere plaatsen. In de meeste Oudtestamentische verhalen kom je het wel tegen. Een van mijn favorieten gaat over koning David die zijn leven aan de Heer toevertrouwt. Koning David is een beetje van beiden. Hij was supernederig en werd een groot man maar hij was ook een groot man, die nederig was voor God. David leidde een boeiend leven. Dat begon met al zijn broers. De profeet komt langs, op zoek naar de volgende koning en hij gaat langs bij Isaï, Davids vader en vraagt naar zijn zonen. En Isaï presenteert al die knappe, lange kerels voor deze man van God. En God laat hem weten, dat wordt hem niet en dat ook niet. En het lijkt bijna of Isaï zegt: Dit zijn al mijn zonen. En de profeet vraagt: Zijn dit ze allemaal? Nou ja, zegt Isaï, David is er ook nog. Die zit buiten bij de schapen. Ga hem even halen. Moet je het je voorstellen.

Al je broers worden voorgesteld aan de man van God, behalve jij. Ze zien je bijna over het hoofd. Davids leven begint op de nederigst denkbare manier maar het wordt één groot succesverhaal, boordevol triomfen. David geeft God alle lof daarvoor tot hij compleet over het paard getild raakt. Op een dag ligt hij op het dak te luieren. Lui en verwend, met een sappige steak en een goed glas wijn bij de hand. Zijn mannen zijn aan het vechten en hij zit op zijn dak en hij ziet een mooie meid een bad nemen. Dat is Bathseba. Hij zegt tegen zijn wachters: Haal die meid eens hierheen voor mij. De minachting spat eraf als ik het zeg. Wat een listige slijmbal, die koning. Die vrouw is getrouwd met Uria de Hethiet. En in de Bijbel staat: Hij sliep met haar. David denkt op dat moment niet aan de Heer. Kort daarop hoort hij van Bathseba dat ze zwanger is. En wat doet David? Die probeert de affaire toe te dekken. Haal Uria naar huis, stop hem in bed bij zijn mooie vrouw. Niemand die het merkt. Uria keert terug, David vraagt hem

aan tafel, ze eten samen. David vraagt hem hoe het gaat op het slagveld. Daarna is het naar bedje toe, maar Uria gaat niet naar huis, naar zijn vrouw maar gaat bij zijn maten en de knechten bij de poort slapen. Op de vloer. Er volgt weer een dinertje en hij vraagt Uria: Waarom ga je niet naar je vrouw? Hij wil dat Uria met zijn vrouw slaapt om zijn vaderschap te verdoezelen. Het is allemaal gepland om zijn fout te verhullen. Dus wat doet hij dan? Hij voert hem dronken. Als een koning je wijn aanbood, dronk je die. Uria werd echt niet met opzet dronken. Als je in die cultuur een glas wijn van de koning weigert, is dat een belediging. Dus David misbruikt opnieuw zijn macht om die man dronken te voeren. David denkt, nu hij dronken is, gaat hij natuurlijk wel naar zijn vrouw. Opgelost. Maar ook dronken doet Uria wat hij hoort te doen. David zegt: Uria, waar ga je heen? Dat zeg ik toch? Ik ga bij mijn maten op de grond slapen, want dat is eervol. Er zit een enorme kloof tussen de vroegere David en de David van nu.

David doet er een schepje bovenop. De meesten kennen het verhaal. Hij laat Uria door zijn generaals opstellen in de frontlinie, waar het er heet toegaat. En dan moet iedereen een pas terug doen zonder dat Uria het weet en dan zal hij sneuvelen. En zo vermoordt David Uria. En dan maakt hij Bathseba tot zijn zevende vrouw. En dan verschijnt de profeet Nathan ten tonele. Hij spreekt namens de Heer en fungeert als het geweten van Israël. Hij zegt tegen de koning dat hij een verhaal voor hem heeft. En hij doet net alsof dat een verhaal over een andere tijd en plaats is. Het is een afschuwelijk verhaal over een rijke en een arme vent. Die arme man had een lammetje gevonden. Hij had geen vrouw, maar hij en zijn kinderen hielden van dat lammetje. En die rijke vent, met weilanden vol vee, krijgt een gast over de vloer. Maar hij wilde geen eigen schaap slachten dus hij pikte dat lammetje van dat arme gezin af en slachtte het voor zijn gast. En wat zegt David? Die man moet dood. Het oordeel wordt direct geveld.

De doodstraf voor die man. En Nathan kijkt David aan en zegt: Dat bent u. Dat is een cruciaal moment.

David loopt over van berouw en hij denkt vast, wat is er van mij geworden. Ik doe wat ik wil. Ik ben een slapjanus en geen soldaat. Ik doe niet wat juist en eervol en correct is. En dan zegt hij, zoals het lied van Keith Green: Schep in mij een zuiver hart. Vernieuw een zuivere geest in mij. Zonder mij niet af van uw nabijheid, neem uw Heilige Geest niet van mij af. Herstel in mij uw glansrijke redding en doe een juiste en standvastige geest opnieuw in mij ontwaken, Heer. David smeekt God: Red mij, want ik kan mezelf niet redden. Dit is belangrijk. Dit is iets wat wij moeten hebben. En dit is wat de tollenaar heeft. Een man die zonder meer fouten heeft gemaakt. Maar dat weet hij en hij vraagt God om hulp. Heer, red mij. Ik kan mijzelf niet redden. Sommigen van ons herkennen dat. Hopelijk iedereen. Als wij beseffen wat voor greep allerlei dingen op ons leven hebben. Misschien een verslaving, misschien iets in ons gedrag. Iets waarvan je zegt: Heer, ik kan niet langer doen alsof. Ik heb uw hulp nodig. Het kan heel pijnlijk zijn om dat door te maken, maar het is goed voor je. God kan nederige mensen gebruiken. God kan thee in lege kopjes schenken maar niet in je kopje wanneer dat vol is. Velen van jullie weten hoe het is om te gaan met narcistische egoïsten. Mensen die altijd gelijk hebben. Dat is slopend en soms zelfs giftig. En allemaal weten wij hoe het is om om te gaan met iemand die nederig is. Niet beschaamd. Schaamte is de motor achter veel narcisme. Van een ego dat zo broos is dat het doorlopend de schijn moet ophouden. Maar nederigheid is iets anders dan schaamte. Schaamte zegt, ik ben een slecht mens.

Maar nederigheid zegt, ik heb iets verkeerds gedaan, maar zo ben ik niet. Nederigheid is het idee dat wij allen onvolmaakt zijn en daarom heb ik hulp nodig. En schaamte zegt, ik verberg mij want niemand zal mij accepteren. Dat is een heel belangrijk verschil tussen nederigheid en schaamte. God vraagt ons niet, ons in schaamte te wentelen. Wij hebben genoeg liederen waarin staat dat Hij ons van onze schaamte gered heeft. Maar nooit dat Hij ons van onze nederigheid gered heeft. Wij worden geacht, luisteraars te zijn, zulke mensen te zijn. Dus, hoe goed of hoe slecht je het ook hebt gedaan in je leven.

Nederigheid is een belangrijk kenmerk en een voorwaarde voor succes. Aan het begin van de preek zei ik: hou je klompen aan. Een beroemd citaat van Voltaire luidt: De geschiedenis is gevuld met het geluid

van zijden pantoffels die de trap af gaan en het geluid van klompen die de trap op gaan. Snap je hem?

Je ziet bij elk imperium, elk groot volk dat de meeste daarvan zijn begonnen met nederige, hardwerkende mensen. En een paar generaties later zijn hun klompen vervangen door zijden pantoffels:

Luxe, luiheid. En er staat altijd een nieuwe groep op klompen klaar om de boel over te nemen. En dat zie je telkens opnieuw in de geschiedenis gebeuren. Een van mijn favoriete voorbeelden is Cyrus de Grote. Kourosh, de stichter van het Perzische Rijk. Weten jullie trouwens waar hij voorkomt in de Bijbel?

Hij bevrijdt de Joden uit de Babylonische ballingschap. Hij was er ineens. Hij was de zoon van een niet zo machtige koning. Zelf werd hij ook niet direct koning. En hij veroverde Azië. En dat deed hij op een voor die tijd tamelijk humanitaire manier. Een nederige, maar slimme man, die een wereldrijk opbouwt.

Tegen het einde van zijn rijk noemden de koningen van Perzië zich en dit is een van de eerste keren dat wij dat lezen, de koningen der koningen. En ze kroonden zichzelf tot god-koningen, met een ongelooflijke majesteit. Er zijn talloze verhalen over grote leiders die zichzelf tot god-koning kronen maar meestal bouwen die geen wereldrijk op. Zij erven het. Darius III bijvoorbeeld, die veel later koning van Perzië werd, had een enorm ego maar werd in een handomdraai verslagen door Alexander de Grote.

Later, in het Romeinse Rijk zien ze het gevaar van caesars en generaals die zich god-koningen wanen.

Wanneer die een triomf vieren, staat er een slaaf achter ze met een lauwerkrans die de hele tijd zegt: Memento mori. En hoe harder de menigte juichte voor die generaal of caesar hoe harder die slaaf riep: Memento mori. Weet je wat memento mori betekent? Gedenk te sterven. U bent sterfelijk. U bent geen god. Denk eraan. Memento mori. Ironisch genoeg dat eeuwen na de opkomst van Rome caesars opstonden die die traditie afschaften en zich god gingen noemen. Het is zo ongelooflijk dat God de nederige verhoogt en vernedert wie zichzelf verhoogt. Hoe succesvol en groots je ook bent. Aanvankelijk zul je grote dingen doen en grote dingen bereiken. Je zult succesvol zijn. Maar het is zo belangrijk om te leren dat je het beste klompen kunt blijven dragen. Het soort echtgenoot of echtgenote zijn dat zich kan laten aanspreken over zichzelf zonder meteen te ontploffen. Het soort baas of collega of vriend bij wie je, als je over de schreef gaat direct zegt: Het spijt mij. Ik ben buiten mijn boekje gegaan. Besef dat je je over niets in je leven hoeft te schamen. Wij zijn allemaal zondaars. Maar blijf nederig en zie in dat er een groot verschil bestaat tussen nederigheid en schaamte. Schaamte is, ik ben een vreselijk mens.

Nederigheid is, ik heb het verprutst, maar ik ga het goedmaken. Misschien denk je nu aan iemand met wie je iets moet goedmaken. Moet je zien hoeveel dat voor zo iemand betekent als je dat doet.

 

Gebed

 

Vader, wij danken U en wij hebben U lief. Wij vragen U om vergeving. Zo bidden wij in Jezus’ naam, amen.

 

Solo – Ken Medema – “Reflection Song”

 

Bobby, ik ga geen theologische discussies aan

Ik loop niet rond te bazuinen hoe geweldig ik ben

Ik kom niet direct arrogant over

Je zult me nooit betrappen op botheid

 

Ik weet dat ik een klassiek soort man ben

En ik heb er hard aan gewerkt om zo te

Zijn sinds ik me bewust begon te worden

Ik heb deze prachtige stem ontwikkeld

Ik kan ermee zingen en mensen er blij mee maken

Met deze stem, die ik zo graag verhef

Zing ik liederen van vreugde en lofprijzing

En maak ik mensen blij

 

Laatst liep ik op straat,

Dakloze Joe zat op het trottoir aan mijn voeten

Ik ging naast Joe zitten en vroeg hem:

Heb je me laatst op tv gezien?

Ja, vriend, ik heb je horen zingen

En met je stem doe je prachtige dingen

Maar in je gezang hoorde ik geen hart

Je ziel en je kunst lijken bij jou apart

Maak maar eens een ommetje met mij

Dan zul je zien de vreugde, de pijn,

De hoop en ook het leed

De volgende keer dat jij dan weer iets zingt

Is nederigheid al wat er klinkt

 

Nu zing ik vol berouw over mijn songs van weleer

Waarmee ik zo belust was op roem en eigen eer

Ik trek nu mijn klompen aan en zing een simpel lied

Een lied dat Joe nu meezingt zodra hij me ziet

 

Het is een gave om eenvoudig te zijn, en vrij

Het is een gave om af te dalen naar waar je hoort te zijn

Als je op precies de juiste plek terecht komt

Zul je daar het dal van liefde en vreugde vinden

Daar waar ware eenvoud wordt bereikt

Zullen wij niet beschaamd zijn om te buigen

In die ommekeer zullen we vreugde vinden

Totdat we door de ommekeer op het juiste spoor zijn gekomen

 

Bobby bedankt Ken Medema

 

Dank je, Ken Medema. Wat heerlijk dat hij hier bij ons is. Dank je wel. Ga allemaal staan, alsjeblieft.

 

Zegen

 

De Here zegene u en behoede u. De Here doe zijn aangezicht over u lichten en zij u genadig.

De Here verheffe zijn aangezicht over u en geve u vrede.

In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.

 

 

 

Ben je een zondaar of een heilige?

21 juni 2020 Duur: 60 min.

Aanmelden nieuwsbrief

Wil jij een optimale website? Dan hebben we wat cookies van je nodig. Pas mijn voorkeuren aan