Home Welkom Thuis

Samenzang – Christ is Risen, Raise Your Voices

Christus Hij verrees, verblijdt u, juich vol vreugd’ en geef Hem eer

Christus Hij verrees, breng dank nu, prijs de opgestane Heer

Dood en zonde overwon Hij Hij is waarlijk opgestaan

‘t Nieuwe leven is begonnen, hef met ons een lofzang aan

Amen, amen, amen

 

Welkomstwoord door Bobby Schuller en Hannah Schuller

Dit is de dag die de Heer gemaakt heeft. Wij verheugen ons daarover. Goedemorgen. Hij is opgestaan. Gezegend Pasen, kerk en hartelijk welkom, al onze bezoekers. Ik weet dat het Pasen is maar jullie krijgen allemaal een complimentje voor deze volle kerk. Dank voor jullie komst. WIJ houden van jullie. En wat fijn dat Cohen erbij is. -Kun je hallo zeggen? Pirates of the Caribbean. Dat je het maar weet. En Haven heeft een prachtige beugel. Wat zijn we dankbaar. Pirates of the Caribbean. Heel goed. Wij zijn heel blij met jullie komst. Laat ons bidden.

 

Gebed

Vader, wij danken U voor uw goedheid. Wij zijn zo dankbaar dat U van ons houdt zoals ze zijn. Niet zoals wij zouden moeten zijn. Wij hoeven niet te veranderen. Eerst hebt U ons gered met uw goede werk. Wij danken U daarvoor. En ik bid dat uw Heilige Geest begint te werken in ons leven. Vandaag al. Ik dank U dat iedereen hier is omdat U dat wilde. Iedereen die tv kijkt of ons via de telefoon volgt, waar ze ook zijn, ik geloof dat U een woord voor hen hebt. Dit bidden wij in Jezus’ naam. Heer, wij houden van U. Amen. Amen. Draai je naar degene naast je en zeg: Hij is opgestaan.

 

Solo – O Praise the Name (Anastasis) door Kevin Rose

Ik denk terug aan Golgotha, waar Jezus leed en stierf voor mij

Zijn handen en voeten doorboord mijn Redder droeg de vloek voor mij

O prijs de naam van de Heer mijn God. o prijs zijn naam voor eeuwig

Voor altijd prijzen we U alleen, o Heer, o Heer onze God

 

Maar ‘s ochtend vroeg de derde dag stond Hij weer op, de Zoon van God

Hij overwon, dood heeft geen macht de Koning leeft in al zijn kracht

O prijs de naam van de Heer onze God o prijs zijn naam voor eeuwig

Voor altijd prijzen we U alleen, o Heer, o Heer onze God

 

O prijs de naam van de Heer onze God, o prijs zijn naam voor eeuwig

Voor altijd prijzen we U alleen, o Heer, o Heer onze God, o Heer, o Heer onze God

 

Schriftlezing – Mattheus 28:1-10 door Hannah Schuller

Dank je, Kevin Rose. Dat was prachtig.

Ter voorbereiding op de boodschap lees ik Mattheus 28:1. Na de sabbat, toen het licht begon te worden op de eerste dag van de week kwamen Maria Magdalena en de andere Maria om naar het graf te kijken. En zie, er vond een grote aardbeving plaats want een engel van de Here, die uit de hemel neerdaalde ging erheen, rolde de steen van de opening weg en ging erop zitten. Zijn gedaante was als een bliksem en zijn kleding wit als sneeuw. De bewakers beefden van angst voor hem en werden als doden. Maar de engel antwoordde en zei tegen de vrouwen: U hoeft niet bevreesd te zijn want ik weet dat u Jezus zoekt, die gekruisigd was. Hij is hier niet, want Hij is opgewekt, zoals Hij gezegd heeft. Kom, zie de plaats waar de Here gelegen heeft. En ga haastig heen en zeg tegen zijn discipelen dat Hij opgewekt is uit de doden en zie, Hij gaat u voor naar Galilea. Daar zult u Hem zien. Zie, ik heb het u gezegd. En zij gingen haastig van het graf weg, met vrees en grote blijdschap en zij snelden weg om het zijn discipelen te berichten. Zie Jezus kwam hun tegemoet en zei: Wees gegroet! Zij gingen naar Hem toe, grepen zijn voeten en aanbaden Hem. Toen zei Jezus tegen hen: Wees niet bevreesd. Ga heen, bericht mijn broeders dat zij naar Galilea moeten gaan en daar zullen zij Mij zien. Gemeente, Hij is opgestaan. Amen.

 

Koorzang – Worthy is the Lamb

Waardig, waardig, waardig is het Lam dat is geslacht

Waardig, waardig, waardig is het Lam dat is geslacht

Waardig te ontvangen macht

Waardig te ontvangen rijkdom

Waardig te ontvangen wijsheid en sterkte

Waardig te ontvangen eer

Waardig te ontvangen heerlijkheid

Waardig te ontvangen alle lof is het Lam van God

Aan Hem die op de troon gezeten is

En het Lam zij de lof en de eer en de heerlijkheid

Tot in alle eeuwigheden

Tot in alle eeuwigheden

Tot in alle eeuwigheden, amen, amen

Waardig te ontvangen macht

Waardig te ontvangen rijkdom

Waardig te ontvangen wijsheid en sterkte

Waardig te ontvangen eer

Waardig te ontvangen heerlijkheid

Waardig te ontvangen alle lof is het Lam van God

Waardig, waardig, waardig is het Lam dat is geslacht

Amen, amen, amen, amen

 

Proclamatie door Bobby Schuller

Wij zijn blij met jullie komst. Laten wij dit samen zeggen zoals wij elke week doen. Houd je handen zo, in een gebaar van ontvangen. En zeg met mij: Ik ben niet wat ik doe of wat ik heb. Ik ben niet wat mensen over mij zeggen. Ik ben Gods geliefde kind. Dat is wie ik ben. Dat kan niemand mij afnemen. Ik hoef mij geen zorgen te maken of te haasten. Ik mag vertrouwen op mijn vriend Jezus en zijn liefde delen met de wereld. Dank jullie wel.

 

Solo – Living Hope door Emilee Taylor

Hoe diep de afgrond tussen ons in

Hoe hoog de berg die ik niet kon beklimmen

In wanhoop wendde ik me tot de hemel

En noemde in de duisternis uw naam

En door het donker straalde uw liefdevolle vriendelijkheid

En nam de schaduwen van mijn ziel

Het is volbracht, zo staat geschreven

Jezus is mijn levende hoop

 

Wie kan zich zulk een genade voorstellen?

Welk hart kan de diepte van uw genade peilen?

De God der eeuwen kwam van zijn troon

Om mijn zonde en schaamte te dragen

Het kruis bevestigt, ik ben vergeven

De Koning der koningen noemt mij zijn kind

Geweldige Verlosser, voor eeuwig de uwe

Jezus Christus, mijn levende hoop

 

Halleluja, prijs Hem die mij heeft bevrijd

Halleluja, de dood heeft zijn greep verloren

U heeft alle ketenen verbroken

Er is redding in uw naam

Jezus Christus, mijn levende hoop

 

Halleluja, prijs Hem die mij heeft bevrijd

Halleluja, de dood heeft zijn greep verloren

U heeft alle ketenen verbroken

Er is redding in uw naam

Jezus Christus, mijn levende hoop

 

Toen brak de morgen aan waarop de belofte vervuld werd

Uw begraven lichaam begon te ademen

Vanuit de stilte verklaarde de brullende Leeuw

Dat het graf geen greep op mij heeft

Want, Jezus, aan U is de overwinning

 

Halleluja, prijs Hem die mij heeft bevrijd

Halleluja, de dood heeft zijn greep verloren

U heeft alle ketenen verbroken

Er is redding in uw naam

Jezus Christus, mijn levende hoop

O Jezus Christus, mijn levende hoop

Mijn God, U bent mijn levende hoop

 

Koorzang – Thine be the Glory

U zij de glorie, opgestane Heer,

U zij de victorie, nu en immer meer

 

Zou ik nog vrezen, nu Hij eeuwig leeft

Die mij heeft genezen, die mij vrede geeft?

U zij de glorie, opgestane Heer

U zij de victorie, nu en immermeer

U zij de glorie, opgestane Heer

U zij de victorie, nu en immermeer

 

In zijn godd’lijk wezen is mijn glorie groot

Niets heb ik te vrezen in leven en in dood

U zij de glorie, opgestane Heer

U zij de victorie, nu en immermeer

U zij de glorie, opgestane Heer

 

Zou ik nog vrezen, nu Hij eeuwig leeft

Die mij heeft genezen, die mij vrede geeft?

In zijn godd’lijk wezen is mijn glorie groot

Niets heb ik te vrezen in leven en in dood

 

U zij de glorie, opgestane Heer

U zij de victorie, nu en immermeer

U zij de glorie, U zij de glorie,

U zij de glorie, amen

 

Welkom thuis

door Bobby Schuller

Ik geloof het getuigenis van de discipelen dat Jezus is opgestaan uit de dood. Dat geloof ik echt. Dat de honderden mensen die Christus na zijn opstanding gezien hebben betrouwbare getuigen zijn. En ik geloof dat omdat ik besloten heb te stoppen met verkondigen dat zij die voor mij kwamen, minder slim waren dan ik. De inwoners van Galilea, vooral de Joden van die tijd waren ongelooflijk goed opgeleide mensen. Ze hadden al bijna 400 jaar de Griekse cultuur beleefd voor Jezus’ komst. Ze waren onderlegd in de retorica, de wiskunde, de logica. De meeste mensen die niet religieus waren als de Joden, waren niet. Wij denken dat alle Romeinen super heidens waren maar dat waren ze niet toen Jezus verscheen. Ze waren hoofdzakelijk filosofen. A-religieus veel van het religieuze gebeuren was vooral politiek. Je had streken die erg heidens waren maar ze waren niet heidens op de manier van de Vikingen die mensen aan bomen spijkerden of de manier waarop stammen in centraal-Afrika heidens waren. Ze waren vooral filosofen, en onderwijs hoorde heel sterk bij die wereld. En Galilea zelf was een welvarende streek. Niet echt platteland. Er was wel wat landbouw, maar er kwamen heel wat mensen binnen vooral Joden uit Babylonië toen een van de rijkste en hoogst ontwikkelde plekken ter wereld. Ze kwamen uit Alexandrië, uit Klein-Azië. Het was een geweldige instroom van scholing en cultuur. Die mensen spraken vier talen: Aramees, Hebreeuws, Latijn en Grieks. Dom waren ze niet. Waar het om gaat is, dat wij doen alsof ze toen niet wisten dat mensen niet opstaan uit de dood. Dat wisten ze best. Als je de originele bronnen raadpleegt over het Romeinse Rijk Je hoort van veel voorgangers dat het bijna lijkt alsof het Romeinse Rijk op christenen joeg. Maar ze wilden alleen maar niks met ze te maken hebben. Ze vonden ze lastig. In veel gevallen, waar veel discipelen en getuigen van de opstanding werden gemarteld en gedood, werden hen allerlei ontsnappingen geboden. In heel veel bronnen lees je dat ze iets zeiden in de trant van als je dit nou even tekent en wat zwavel op dit vuurtje strooit Doe dat even voor mij en ga dan terug naar je kerk en preek wat je wilt. Het boeit mij niet. Ik wil gewoon weer aan het werk. Ik zeg het in eigentijdse bewoordingen maar het ging heel vaak zo. En al die mensen gingen vol vreugde hun dood tegemoet. Honderden. Ik vind dat de moeite waard. En ik geloof werkelijk dat Jezus leeft en dat Hij goed werk doet. Ik geloof dat al die tijdaanduidingen, voor en na Christus en zo dat die hele tijdmeting met reden tot stand komt met het leven van één Mens. En ik geloof dat God iets goeds in je leven doet en ik geloof dat je moet horen wat ik vandaag te zeggen heb. Als je op Hem vertrouwt, hoef je niet bang te zijn voor je dood en je ook geen zorgen te maken over de wereld. Wat jou bezighoudt is, dicht bij Hem leven en meer worden als Hij en op zijn Geest vertrouwen, die een goed werk in jou doet. Ik wil maar zeggen, Hij leeft. Hij houdt van je zoals je bent, niet zoals je moet zijn. En Hij zoekt je. Dat is de boodschap die Jezus ons geeft. Ben je weleens iets kwijtgeraakt? Iets waar je wanhopig van wordt? En als je dat dan vindt, dat je dan door het dolle heen bent? Zo beschrijft Jezus het evangelie wanneer wij Hem leren kennen. Dat is wat mij niet lang geleden is overkomen. Wij wonen in een huis dat technisch gesproken een appartement is. Maar het is een echt huis. Maar ik moet naar het einde van mijn blok lopen waar 12 brievenbussen staan. Ik moet de mijne met een sleutel openen. Je kunt er niet zomaar bij. Het is een klein, donker sleuteltje. Je moet het haast wel kwijtraken. En ik heb een zoontje dat niets liever doet dan dingen van mij zoekmaken. Op een dag kon ik de sleutel niet vinden. Ik had al drie dagen mijn brievenbus niet geleegd. En ik maar zoeken. Ik keerde het hele huis ondersteboven. Wij haalden de bank omver maar dat sleuteltje was niet te vinden. Zo ging dat een week lang. Op een dag loop ik met Cohen naar de bus. Ik had een jack aangetrokken want het was koud. Op de terugweg steek ik mijn handen in mijn zak en wat vind ik daar? Een klein sleuteltje. Ik liep niet, ik rende terug naar huis. Hannah, ik heb het gevonden. Dat beeld gebruikt Jezus in de tekst waar ik het vandaag over ga hebben. Het is interessant dat Jezus daar eet en drinkt met zondaars. Zondaars in de Bijbel zijn echte zondaars. De meesten van hen deugen echt niet. Foute types. Vooral de tollenaars. Van die boeven die je oma bellen en een bak geld van haar eisen omdat ze te veel zou hebben teruggekregen. Dat soort dingen. Het zijn zwendelaars en dieven en ze deugen voor geen cent in die groep. En dan de farizeeën. Er zitten slechte bij, maar ze zijn niet allemaal even slecht. Je hebt zeven farizeeënscholen en daar zitten hele goede tussen. Sommigen van hen zouden wij tegenwoordig als hippies beschouwen. Liefde en vrede en zo. En anderen zijn dan weer overdreven streng. De farizeeën, die God met hun leven willen eren en Jezus zien eten met zondaren, hebben daar een probleem mee. Vergeef me de beeldspraak maar om te illustreren hoe dat voor hen geweest moet zijn moet je je voorstellen dat je voorganger, Bobby Schuller vorige week alle strippers uit een stripclub mee uit eten heeft genomen en een bijbelstudie met ze heeft gedaan. Het eten betaalde ik. Hoe zouden jullie dat vinden? Dat zouden jullie maar niks vinden. Overigens heb ik dat niet gedaan en ik ben het ook niet van plan. Maar goed, zo moet het geweest zijn toen ze het feit probeerden te rijmen dat God van ons vraagt, zuiver en goed en rechtvaardig te zijn terwijl daar een vent die mijn oom bestolen heeft, met Jezus zit te eten. Het is alsof je zegt, broeder, ik eer je en wij worden geacht goede mensen te zijn. Waar ben je mee bezig? Jezus hoorde de farizeeën sputteren en vertelde hun drie korte verhalen. Ze gaan van honderd naar tien naar één. Het eerste gaat over een herder. Daar moet je je in de dagen van Jezus een meisje bij voorstellen. In de tijd van Jezus waren vrijwel alle herders tienermeisjes. Ze moeten eruit hebben gezien als dit meisje. Een jaar of 15. Soms zaten er jongens bij. Koning David was natuurlijk een herder. Waarschijnlijk was hij 10 of 11 en nog echt een jongen. Let wel, schapen waren in die tijd gemeenschappelijk bezit, huisdieren. Ik had ooit een hond, Maiya Puppers. Dat was een zwarte labrador. Ze was half labrador half golden retriever. Maar in haar hart was ze een pure golden retriever. Een schat van een hond. Als wij de deur uitgingen, probeerde ze te ontsnappen. Op een dag kwamen wij thuis na een etentje en ze was er niet. De hele nacht hebben wij naar onze hond gezocht. Maiya Puppers, waar zit je? Wij wisten niet waar ze was. Wij konden haar niet vinden. Wij gingen zonder hond naar bed. De volgende dag gaan wij naar de vijver. Wij weten niet of ze in moeilijkheden is. En de volgende ochtend was ze bij de vijver. Ze legde haar poten op mij en kefte, wat honden doen als ze opgewonden zijn. Zijn jullie ooit een hond of een kat kwijtgeraakt? Dat is het beeld dat Jezus probeert op te roepen. Er waren 99 schapen. Eentje raakt zoek. Het herderinnetje gaat op zoek naar haar schaap, maar kan het niet vinden. En zij maar roepen. Lamsboutje, waar zit je. En als ze eindelijk haar schaapje gevonden heeft gooit ze het over haar schouder, rent naar het dorp en roept: Ik heb hem. Jezus kijkt de farizeeën aan en zegt: Zo gaat het ook in de hemel als één zondaar, één verloren mens, terugkeert naar de Heer. Hij gaat van honderd naar tien. Hij zegt dat het Koninkrijk Gods is als een vrouw die een munt kwijt is. Hij verwijst in dit verhaal naar een gewoonte uit die dagen. Als je getrouwd was… Wij hebben een plaatje van een Joodse bruid uit die tijd. Zij draagt een bruidsgewaad en alles wat daarbij hoorde. Op een gewone dag met boodschappen doen en de kinderen ophalen droeg zij die hoofdband ook. Daar zaten tien munten op. Dit klopt niet. Ik weet niet waarom dit er 13 of 14 zijn. Dat horen er tien te zijn, voor de tien geboden. Het was een soort trouwring. Het was een mooi ding om je haar mee in toom te houden. In dit verhaal was ze een van die munten kwijtgeraakt. Op een dag vindt ze hem bij het schoonmaken. Zij vertelt het al haar vrienden. Kijk jongens, ik heb hem gevonden en zij doet hem weer op zijn plaats. God zegt dat het Koninkrijk van God net zo is zonder jou. Het is niet compleet zonder jou. Mijn gezin is niet compleet als mijn zoon er niet is. Mijn gezin is niet compleet als mijn dochter niet thuis is. Kom thuis. En ten slotte vertelt Jezus een verhaal over wat wij de verloren zoon noemen. Vroeger dacht ik dat het woord verloren ‘zondig’ betekende. Maar het betekent in dit verband vrijgevig of overdadig. Degene in dit verhaal die vrijgevig en overdadig is, is de vader. Het beeld van God. In dit verhaal bezit het vaderland. Dat land is al een eeuw lang familie-eigendom. Hij heeft twee zonen. De jongste is het zwarte schaap. De oudste leest de jongste voortdurend de les om hem eraan te herinneren dat hij beter is dan hij. Misschien heb jij zo’n oudere broer. Misschien ben jij zo’n oudere broer. Ik ben een beetje van beiden. Ik ben de middelste. De jongste zoon vertelt de vader dat hij nu zijn erfdeel wil. Misschien maakten ze ruzie of zo, want zeggen dat je je erfdeel wilt betekent zoiets als: Was je maar dood. Ik wil alleen je geld. En verbazend genoeg verkoopt de vader een stuk land en geeft het jong het geld. Die vertrekt en geeft al zijn geld uit aan prostituees. Hij keert berooid terug en moet het ergste doen wat een Jood in de eerste eeuw kon bedenken: Varkens voeren. Voor Joden is een varken een onrein, smerig beest. Hij is niet alleen maar arm en iemand die zijn familie te schande maakt en zijn geld zo gruwelijk verbrast heeft, nu voert hij ook nog varkens. Het laagste van het laagste. De beste vergelijking is dat je spinnen zou moeten voeren. Je voert je spinnen en op een dag besef je wat je doet. Walgelijk. Griezelig. Smerig. Hij komt bij zinnen en beseft, mijn vader zal mij niet terug willen als zoon maar hij heeft vast en zeker een baantje voor mij. Ik ga naar huis, vraag een baantje en dan heb ik weer te eten en onderdak. Op weg naar huis oefent hij in zijn hoofd. Vader, ik heb gezondigd tegen de hemel en de aarde en tegen u. Ik ben het niet waard, uw zoon genoemd te worden. Heb je dat weleens gedaan als je in de penarie zat? Als je als kind thuis moest vertellen dat je een 4 of een 3 op je rapport had? Hoewel in deze buurt een zeventje waarschijnlijk al een ramp was. Maar goed, je snapt waar ik heen wil. Hij is op weg naar huis en repeteert telkens dezelfde woorden. En als hij eindelijk het ouderlijk huis nadert staat de vader op de uitkijk op zijn zoon te wachten. Maandenlang, misschien jarenlang heeft hij gehunkerd naar de terugkeer van zijn zoon. En als hij die schooier van een zoon ziet, onder de modder en varkensstront blootsvoets, amper herkenbaar. Met lange vette slierten haar. De vader ziet het niet eens en rent op zijn zoon af. Hij gooit zijn schone armen rond zijn smerige, stinkende zoon. Hij heeft tranen in zijn ogen. Hij slaat hem een mantel om, wat een eerbetoon is. Hij geeft hem een ring, als symbool van familie-autoriteit. En hij geeft hem sandalen, als symbool van vrijheid. Hij is bevrijd van slavernij. En hij laat een gemest kalf slachten. Dat doe je bij een bruiloft. Dat is de duurste feestmaaltijd die er bestaat. En iedereen mag aanschuiven. Wat wij hiervan leren, is dat je in Gods ogen niet goed of slecht bent, maar thuis of niet thuis. Het is thuis of weg. Als je thuis bent, ben je thuis, ook al ben je smerig en stink je. Je weet dat er dingen gaan veranderen. Je krijgt een bad, je mag onder de douche. Je krijgt sandalen en een gemest kalf. En zo is het in Gods Koninkrijk ook, zegt Jezus. Als iemand thuiskomt, is er meer vreugde in de hemel over die ene. Wil je niet thuiskomen bij de Heer? Wil je niet gewoon bij Hem thuiskomen? Je loopt maar te piekeren over hoe slecht je wel niet bent. Maar dat ben je niet. Geef je leven aan de Heer en laat je opbouwen als antwoord op zijn liefde voor jou. Dat is het evangelie. Het goede nieuws. Dan word je een moreel beter mens en meer van dat alles maar om te beginnen ben je thuisgekomen bij de Heer. Het verhaal eindigt daar niet. Er zit een interessant staartje aan. Herinner je je die oudste zoon? Die vindt dat allemaal maar niks. Hij komt thuis van zijn werk, misschien met een spade op zijn schouder. Hij ziet vanuit de verte al die lichtjes en hij hoort muziek zoals je vanuit een herberg zou horen. En dan ruikt hij die heerlijke barbecue. Hij snapt het niet en vraagt een knecht: Bill, wat is daar aan de hand? Bill in het Grieks. Bill, wat stelt dat voor? Nou, zegt Bill, uw jongste broer is thuisgekomen en uw pa heeft het gemeste kalf voor hem geslacht. Op dat moment zegt hij: Nee, echt niet. Hij pakt zijn spade en gaat doen of hij een kuil graaft om te laten zien dat hij wél werkt. Ik heb verantwoordelijkheidsgevoel. Ik doe wat juist is. Je kent dat wel. Wij kennen allemaal wel zo iemand. De vader loopt op de oudste zoon af. Hij rent op de oudste zoon af zoals hij ook op de zondige zoon was afgerend. De verloren zoon. Hij zegt tegen de oudste, kom toch binnen. Vier toch feest met ons. En de oudste zoon zegt: Die zoon van u.…Hij zegt dus niet ‘mijn broer’. Die zoon van u heeft ons familiedomein verkocht en het geld aan prostituees verkwanseld. Hij heeft u en mij beledigd en nu slacht u het gemeste kalf voor hem? U zou voor mij en mijn vrienden nog geen geit slachten maar voor hem slacht u het gemeste kalf. En weet je wat die vader dan tegen zijn zoon zegt: Je broer…Je broer… Mijn zoon, alles wat ik bezit is voor jou. Je hebt altijd het juiste gedaan. Maar jouw broer…Hij suggereert dat de zoon zijn broer had moeten opzoeken. Had op hem ingepraat. Had hem overgehaald. Die broer van jou was verloren, maar is nu gevonden. Hij was dood, maar leeft nu weer. Kom toch naar binnen en vier dat met ons. En wat doet de broer? Nee hè. Dat weet niemand. Want daar stopt Jezus met het verhaal. Hij laat het verhaal eindigen met een open slot. Hij kijkt de farizeeën aan. Hij zit daar met een stel zondaars. Hij kijkt de farizeeën aan en zegt: Wat doen jullie? Komen jullie erbij zitten? Of blijven jullie staan mokken? Dat is het deel van het verhaal dat onderbelicht blijft. Er schuilt een soort zondigheid in wetticisme. En in neerbuigendheid jegens anderen die minder zijn dan ik. Maar dat is niet het leven in het Koninkrijk. God wil vrijheid voor jou. Goedheid. Leven in jou. Ik wil je uitnodigen, zoals een vader op zijn jongste of oudste zoon afrent. Misschien herken je jezelf in een van die twee. Je hebt altijd het goede gedaan, een keurig en gehoorzaam leven geleid maar je mist een gevoel van vrijheid, van leven, van bezieling of kracht van de Heer in je leven. Of misschien ben je een zondaar en zeg je: Bobby, je hebt geen idee. Nee, ik weet niet wat je gedaan hebt, maar ik weet dat er geen heilige zonder verleden is, en geen zondaar zonder toekomst. Ik weet dat dat zo is. Ik denk dat de Heer tegen je zegt: Kom naar huis. Zo simpel. Kom gewoon naar huis. En weet dat Hij van je houdt.

 

Gebed

Vader, wij danken U voor uw liefde voor ons. U bent zo goed voor ons. De Bijbel zegt dat God liefde is. Daarvoor danken wij U. Wij ontvangen vandaag uw liefde en wij vragen dat U ons uw Heilige Geest geeft om te begrijpen hoe wij moeten worden. Wij schenken U ons leven. Wij vertrouwen op U. U bent een liefhebbende Vader. Dank U voor uw liefde voor ons. Dit bidden wij in Jezus’ naam. Amen.

 

Zegen

De Here zegene u en behoede u. De Here doe zijn aangezicht over u lichten en zij u genadig. De Here verheffe zijn aangezicht over u en geve u vrede. In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.

Welkom Thuis

17 april 2022 Duur: 60 min.

Aanmelden nieuwsbrief

Wil jij een optimale website? Dan hebben we wat cookies van je nodig. Pas mijn voorkeuren aan