Home Televisie Ik ben er!

Opening

In 1970 ging een tv-programma van start dat miljoenen mensen anders naar het geloof deed kijken:

Hour of Power. Dit is de dag die de Here heeft gemaakt. Laten we ons verheugen. Nog altijd laat Hour of Power een nieuw geluid voor een nieuwe generatie horen. Als je op God vertrouwt, kan niks je tegenhouden. Want wat uw omstandigheden en problemen ook zijn dit moment kan uw uur van kracht zijn.

Samenzang – “Christ is Risen, Raise Your Voices”

Christus Hij verrees, verblijdt u, juich vol vreugd’ en geef Hem eer

Christus Hij verrees, breng dank nu, prijs de opgestane Heer

Dood en zonde overwon Hij, Hij is waarlijk opgestaan

’t Nieuwe leven is begonnen, hef met ons een lofzang aan

Amen, amen, amen

Welkomstwoord

Door Bobby Schuller en Hannah Schuller

Hij is opgestaan. Kerkfamilie, dezelfde God die Jezus uit de dood heeft opgewekt, kan elke beproeving of moeilijkheid die je hebt meegemaakt, ten goede keren. Jezus heeft overwonnen. Honderden miljoenen christenen vieren nu deze ene gebeurtenis. Jezus is opgewekt uit de dood, voor jou en voor mij. Wij kunnen vertrouwen op de krachtige, zegevierende naam van Jezus Christus. Dat vieren wij.

Laat ons bidden en lofprijzen.

Gebed

Heer Jezus, wij danken U dat U bent opgewekt uit de dood door uw Vader om ons te redden van onze zonden en ons terug te voeren naar U. Naar het eeuwige leven. Vandaag vieren wij die gebeurtenis.

Wij roepen uw Heilige Geest aan om hier met ons te zijn en onze harten te vullen met goedheid en vreugde en genade en vergeving en naastenliefde. Heer, wij danken U. In Jezus’ naam bidden wij, amen.

Koor – “Christ the Lord is Risen Today

Christus, onze Heer, verrees, halleluja

Heil’ge dag na angst en vrees, halleluja

Die verhoogd werd aan het kruis, halleluja

Bracht ons in Gods vrijheid thuis, halleluja

Prijst nu Christus in ons lied, halleluja

Die in heerlijkheid gebiedt, halleluja

Die aanvaardde kruis en graf, halleluja

Dat Hij zondaars ’t leven gaf, halleluja

Maar zijn lijden en zijn strijd, halleluja

Heeft verzoening ons bereid, halleluja

Nu is Hij der hemelen Heer, halleluja

Eng’len juub’len Hem ter eer, halleluja

Hallelujah, hallelujah

Hallelujah

Solo – Kevin Rose – “O Praise the Name (Anastasis)”

Ik denk terug aan Golgotha waar Jezus leed en stierf voor mij

Zijn handen en voeten doorboord, mijn Redder droeg de vloek voor mij

O prijs de naam van de Heer mijn God, o prijs zijn naam voor eeuwig

Voor altijd prijzen we U alleen, o Heer, o Heer mijn God

Maar ’s ochtends vroeg op de derde dag stond Hij weer op, de Zoon van God

Hij overwon, de dood heeft geen macht de Koning leeft in al zijn kracht

O prijs de naam van de Heer mijn God, o prijs zijn naam voor eeuwig

Voor altijd prijzen we U alleen o Heer, o Heer mijn God

Hij zal terugkeren in ’t wit gehuld, de stralende zon zal de nacht doorboren

Dan zal ik opstaan met de heiligen, mijn blik strak gericht op Jezus’ gezicht

O prijs de naam van de Heer onze God, o prijs zijn naam voor eeuwig

Voor altijd prijzen we U alleen, o Heer, o Heer mijn God

O prijs de naam van de Heer onze God, o prijs zijn naam voor eeuwig

Voor altijd prijzen we U alleen, o Heer, o Heer mijn God

Schriftlezing – Mattheüs 28:1

door Hannah Schuller

Kevin Rose en het koor. Wat een talent. Dank je.

Laat ons onze harten openen voor het woord van de Heer in Mattheus 28:1. Laat na de sabbat, toen het licht begon te worden op de eerste dag van de week kwamen Maria Magdalena en de andere

Maria om naar het graf te kijken. En zie, er vond een grote aardbeving plaats want een engel van de Here, die uit de hemel neerdaalde ging erheen, rolde de steen van de opening weg en ging erop zitten.

Zijn gedaante was als een bliksem en zijn kleding wit als sneeuw. De bewakers beefden van angst

voor hem en werden als doden. Maar de engel antwoordde en zei tegen de vrouwen: U hoeft niet bevreesd te zijn want ik weet dat u Jezus zoekt, die gekruisigd was. Hij is hier niet, want Hij is opgewekt,

zoals Hij gezegd heeft. Kom, zie de plaats waar de Here gelegen heeft. En ga haastig heen en zeg tegen zijn discipelen dat Hij opgewekt is uit de doden en zie, Hij gaat u voor naar Galilea. Daar zult u Hem zien. Zie, ik heb het u gezegd. En zij gingen haastig van het graf weg, met vrees en grote blijdschap en zij snelden weg om het zijn discipelen te berichten. Zie Jezus kwam hun tegemoet en zei: Wees gegroet! Zij gingen naar Hem toe, grepen zijn voeten en aanbaden Hem. Gemeente, Hij is opgestaan. Amen.

Koor – “Thine be the Glory”

Ziet Hem verschijnen, Jezus onze Heer,

Die mij heeft genezen, die mij vrede geeft

In zijn goddelijk wezen is mijn glorie groot

Niets heb ik te vrezen in leven en in dood

U zij de glorie, opgestane Heer,

U zij de victorie, nu en immer meer

U zij de glorie opgestane Heer

Zou ik nog vrezen, nu Hij eeuwig leeft

Die mij heeft genezen, die mij vrede geeft?

In zijn godd’lijk wezen is mijn glorie groot

Niets heb ik te vrezen in leven en in dood

U zij de glorie, opgestane Heer

U zij de victorie, nu en immermeer

U zij de glorie, U zij de glorie,

U zij de glorie, amen

Solo- – Emilee Taylor – “Living Hope”

Willen jullie gaan staan tijdens dit lied van vanochtend?

Hoe diep de afgrond tussen ons in,

Hoe hoog de berg die ik niet kon beklimmen

In wanhoop wendde ik me tot de hemel

En noemde in de duisternis uw naam

En door het donker straalde uw liefdevolle vriendelijkheid

En nam de schaduwen van mijn ziel

Het is volbracht, zo staat geschreven,

Jezus is mijn levende hoop

Wie kan zich zulk een genade voorstellen?

Welk hart kan de diepte van uw genade peilen?

De God der eeuwen kwam van zijn troon

Om mijn zonde en schaamte te dragen

Het kruis bevestigt, ik ben vergeven

De Koning der koningen noemt mij zijn kind

Geweldige Verlosser, voor eeuwig de uwe

Jezus Christus, mijn levende hoop

Halleluja, prijs Hem die mij heeft bevrijd

Halleluja, de dood heeft zijn greep verloren

U heeft alle ketenen verbroken, er is redding in uw naam

Jezus Christus, mijn levende hoop

Halleluja, prijs Hem die mij heeft bevrijd

Halleluja, de dood heeft zijn greep verloren

U heeft alle ketenen verbroken, er is redding in uw naam

Jezus Christus, mijn levende hoop

Toen brak de morgen aan waarop de belofte vervuld werd

Uw begraven lichaam begon te ademen

Vanuit de stilte verklaarde de brullende Leeuw

Dat het graf geen grip op mij heeft

Want, Jezus, aan U is de overwinning

Halleluja, prijs Hem die mij heeft bevrijd

Halleluja, de dood heeft zijn greep verloren

U heeft alle ketenen verbroken, er is redding in uw naam

Jezus Christus, mijn levende hoop

O Jezus Christus, mijn levende hoop

Mijn God, U bent mijn levende hoop

Koor – “Worthy is the Lamb”

Waardig, waardig, waardig is het Lam dat is geslacht

Waardig, waardig, waardig is het Lam dat is geslacht

Waardig te ontvangen macht, waardig te ontvangen rijkdom

Waardig te ontvangen wijsheid en sterkte, waardig te ontvangen eer

Waardig te ontvangen heerlijkheid, waardig te ontvangen de lof

Is het Lam van God aan Hem die op de troon gezeten is

En het Lam zij de lof en de eer en de heerlijkheid

Tot in alle eeuwigheden tot in alle eeuwigheden

Tot in alle eeuwigheden amen, amen

Waardig te ontvangen macht, waardig te ontvangen rijkdom

Waardig te ontvangen wijsheid en sterkte, waardig te ontvangen eer

Waardig te ontvangen heerlijkheid, waardig te ontvangen de lof

Is het Lam van God, waardig, waardig, waardig is het Lam dat is geslacht

Amen, amen, amen, amen

Proclamatie met Bobby Schuller

Houd je handen zo, in een gebaar van ontvangen. En zeg met mij: Ik ben niet wat ik doe of wat ik heb.

Ik ben niet wat mensen over mij zeggen. Ik ben Gods geliefde kind. Dat is wie ik ben. Dat kan niemand mij afnemen. Ik hoef me geen zorgen te maken of te haasten. Ik mag vertrouwen op mijn vriend Jezus en zijn liefde delen met de wereld. Dank jullie wel,

Preek – “IK BEN er!”

door Bobby Schuller

Vandaag gaat het natuurlijk over de wederopstanding. Dat Christus uit de dood werd opgewekt voor jou en voor mij. Veel christenen kunnen je zo uitleggen waarom het kruis zo belangrijk is voor de verzoening en zo maar veel christenen worstelen met de vraag waarom de wederopstanding zo belangrijk is. Om de simpele reden dat zonder de wederopstanding het kruis een fiasco is. Zonder de wederopstanding heeft de dood gewonnen, heeft satan gewonnen. Dan heeft satan in alles zijn zin gekregen. Maar de wederopstanding laat zien dat er geen tragedie is die God niet kan oplossen. Dat wij een God dienen

die wonderen kan verrichten die alles in je leven kan doen. En dat wij een opgestane Heiland dienen.

Toen God dit alles schiep, de wereld schiep Hij die alsof hemel en aarde één waren. In de Bijbel lees je altijd over hemel en aarde. Ze worden altijd samen genoemd. Want het was Gods bedoeling dat hemel

en aarde dezelfde ervaring zouden zijn. Een eendere ervaring op twee verschillende plaatsen. Daarom zegt Jezus in het Onze Vader ‘op aarde zoals… wat? In de hemel. De hemel op aarde. En dat is dus zoals God het paradijs heeft geschapen. Hij schiep de dieren, de schepping zodat de mens voor eeuwig

zou kunnen leven in zijn Koninkrijk in de schaduw van de boom des levens. En dat het leven ervoor altijd zo zou blijven met een orde en waardigheid voor ieder menselijk wezen. En wat er dus gebeurde toen Adam de zonde op aarde introduceerde en Eva ook, na verleid te zijn door satan, begon de aarde in het verderf te raken op gezag van satan. En zo werd Jezus volgens de Bijbel de eerste Adam. Hij is de eerste mens die terugkeert naar dat eeuwige leven met zijn wederopstanding. En hij bevestigt met die wederopstanding de belofte dat Hij hetzelfde zal doen voor jou en voor mij. Als je naar de hemel wilt,

wees dan bevriend met Jezus. Als je bevriend bent met Jezus, ga je naar de hemel. Hij zal je daar opwachten als je de overgang maakt. Het is iets wonderbaarlijks om de Heer te kennen. Om je leven te leiden in het Koninkrijk Gods. Om een leven te leiden vol hemelse macht en liefde en goedheid. Om een vriend in Hem te hebben, ook in je donkerste moment. En er overkomt je nog iets moois als je gelovig bent. Niet alleen het besef, te weten dat wij naar de hemel gaan als wij sterven maar, en let op, er zit iets afschuwelijks aan de dood, dat onze ziel kwetst. De angst voor de dood, die onze gezinnen,

raakt en plannen en doelen dwarsboomt. Die knagende angst voor de dood. Als die verdwijnt, komt er een tweede geschenke in ons leven. Ik hoef niet meer angstig wakker te worden ’s ochtends. Ik kan ieder moment moedig leven en zonder angst doen wat God van mij vraagt. Dat is het mooie van het leven onder het lichte juk van Jezus. Jezus is werkelijk opgestaan uit de dood. Dat geloof ik en dat weet ik. Ik weet dat Hij is opgestaan uit de dood. Met hart en ziel weet ik dat. Ik geloof dat wij erop mogen vertrouwen dat er iets bijzonders gebeurd is. Maar het beste getuigenis dat de meesten van ons hebben is wat Christus persoonlijk in ons leven gedaan heeft. Het is iets diepers dat elke gelovige mag ervaren.

Wij zijn dankbaar dat wij een Heer dienen die van zondaars houdt. Jezus houdt van zondaars. Hij houdt van zondaars zoals jij en ik. Dat was een groot probleem in Jezus’ eigen tijd. Je ziet het overal in de evangeliën, maar in Lukas 15, een van mijn lievelingsverhalen, gaat over de verloren zoon. Dat gaat zo: Jezus stelde zijn omstanders voor een groot dilemma. Er is een theologisch probleem met Jezus.

Enerzijds is dit overduidelijk een man van God. Hij doet wonderen, Hij bezit een grote kennis, is vol wijsheid. Duizenden willen alles horen wat Hij te zeggen heeft. Ze willen dicht bij Hem zijn en overal waar Hij gaat, geneest Hij, heelt Hij, herstelt Hij. Hij draagt iets heel bijzonders in zich. De geestelijke leiders van zijn dagen, de Farizeeën, zagen dat ook wel in. Maar anderzijds deed Hij dingen die je niet hoorde te doen. Hij ging om met zondaars. Hij ging niet alleen met hen om, Hij vierde zelfs feest met ze. Hij vierde feest met zondaars. En het gekke is, het waren niet zomaar gewone zondaars. Er zat echt slecht volk bij. Dieven, mensen die anderen kwaad deden en schandalige dingen deden. Hij zit met ze aan tafel en lijkt hun gezelschap ook te waarderen. Hij eet met ze en drinkt wijn met ze en vermaakt zich met ze. En die Farizeeën denken: Hij wordt geacht een man van God te zijn maar hoe kan Hij dit nou oké vinden? Heeft Hij dan echt geen benul van wat Hij doet? En daar zit Jezus dus te eten met een stelletje zondaars. Tollenaars en dieven en prostituees, dat soort mensen en Hij zit met ze te eten en heeft het kostelijk naar zijn zin. En dan ziet hij die Farizeeën vanaf een afstandje staan toekijken, een beetje uit de hoogte en ze kunnen er geen touw aan vastknopen. En dan vertelt Hij hen daar in die ruimte drie gelijkenissen. In een schitterende volgorde. Hij gaat van 100 naar 10 naar 1. Hij begint met 100. Hij vertelt over honderd schapen en een schaapherder, die er eentje miste. Hij liet die 99 in de steek om dat ene schaap te zoeken. In Jezus’ tijd waren schapen een kostbaar bezit. Heel vaak waren herders geen volwassen mannen zoals deze maar meestal een jongen van 15 of 14. Voor hen was herder zijn een overgangsrite naar de volwassenheid. Ze moesten hun schapen verdedigen en bijeen zien te houden. Ze bezaten die schapen niet, maar ze hielden bijna van ze als huisdieren. En dan ontbreekt er één schaap en Jezus vertelt dat die man of jongen op pad ging om dat schaap te zoeken en toen hij het vond, legde hij het om zijn schouders en was dolgelukkig dat hij het verloren schaap gevonden had. En het hele dorp vierde dat dat ene schaap gevonden was. En Jezus zegt dat de hemel zich meer verheugt over één verlorene dan over 99 volmaakten. Verbluffend, hè? God denkt aan jou als Hij dat zegt. En dan gaat Hij van 100 naar 10. Hij vertelt over een vrouw die één van haar tien munten kwijt is. In die tijd had je van die hoofdtooien en vaak hingen daar munten of sieraden aan als teken van rijkdom van die vrouw. Zilver gaf aan dat het een hele normale vrouw was. Zij had tien zilveren munten. Dat gaf net als een ring aan dat zij getrouwd was. Dat moest zij dus elke dag dragen. Zij was er eentje kwijt en zocht overal naar die munt. En op een dag verplaatst zij een pot of zo, en vindt die munt. En zij schreeuwt het uit van vreugde. Jongens, ik heb mijn munt gevonden. Iedereen is zo blij voor haar, en zij doet hem dolgelukkig terug waar hij hoort. En Jezus zegt: Zo zal het zijn als een verlorene gevonden wordt. En dan maakt Jezus het nog wat persoonlijker. Hij gaat van honderd schapen naar tien munten naar één zoon. Eigenlijk twee zonen, maar het gaat om die ene verloren zoon. Die ene zoon kijkt naar zijn vader, een rijk man, vermoedelijk een koning en ze hebben als familie al honderden jaren een stuk land in bezit. En dan zegt de zoon tegen zijn vader: Vader, ik wil mijn erfdeel nu hebben. In die tijd was het meer dan schandalig om je vader om je erfdeel te vragen. Zeker in een cultuur waarin je je vader en moeder moest eren was het een van de ergste dingen die je kon doen. Het was zoiets als je vader dood wensen om zijn geld te krijgen. Onvoorstelbaar, gewoon. En ongelooflijk genoeg verkoopt de vader

een derde van zijn land en geeft het geld aan de zoon. En dan vertrekt de zoon naar een ver land en geeft dat geld uit aan een losbandig leven. Aan prostituees en misschien aan gokken en drinken en feesten, tot het op is. En uiteindelijk is hij straatarm en gaat hij halfdood van de honger en wil eten van het voer van de varkens die hij hoedt. Hij wroet in hun voerbak. Als Jood kan hij niet dieper zinken.

Varkens zijn de meest on-koosjere dieren. Overdekt met het vuil van varkens behoor je tot het absolute uitschot. Eindelijk komt hij bij zinnen en hij zegt: Als ik naar het huis van mijn vader terugkeer en daar zijn dienaar of zelfs zijn slaaf wordt, ben ik een stuk beter af dan hier. Dus hij begint aan de tocht terug naar huis. Barrevoets, onder de wonden, vies en vuil en uitgehongerd. En intussen oefent hij aldoor op wat hij gaat zeggen. Misschien heb je ook weleens mot gehad met je ouders en piekerde je over hoe je het ging goedmaken. Dus hij loopt zijn tekst te oefenen: Vader, ik heb gezondigd tegen hemel en aarde.

Ik verdien het niet, uw zoon te zijn. Laat mij uw dienaar zijn. Hij repeteert dat eindeloos tijdens de lange reis naar huis. Vader, ik ben het niet waard, uw zoon te zijn. Maak mij uw dienaar. En dan komt hij thuis. Er staat dat zijn vader naar de horizon staarde. Het was bijna alsof hij elke avond sinds de zoon was vertrokken voor het naar bed gaan keek of zijn zoon thuis was en telkens teleurgesteld werd. Maar vandaag niet. Hij staat daar en staart naar de horizon en dan ziet hij een jongeman, overdekt met vuil, uitgemergeld en mager. Gekleed in vodden en zonder schoeisel. Hij vraagt zich af wie dat is en herkent hem dan: zijn zoon. Hij laat al zijn waardigheid varen en begint te rennen. Voor een oude, machtige en rijke man is dat een totaal verlies van trots. Want als je in die dagen moest rennen, moest je je gewaad optillen. Maar daar maalde hij niet om. Hij rende op zijn zoon af en sloeg zijn armen om hem heen. En de zoon begint natuurlijk van: Vader, ik heb gezondigd tegen hemel en aarde en ik ben niet waardig…

Maar zijn vader hoort hem niet eens. Hij slaat zijn armen om hem heen en huilt. Breng een gewaad, roept hij en sla die om hem heen. Doe een ring om zijn vinger, doe sandalen aan zijn voeten. Slacht het gemeste kalf. Mijn verloren zoon is terug. Hij die dood was, leeft. Hij huilt en dan barst er een geweldig feest los. Iedereen viert uitbundig dat deze knul, die het zo verprutst had die de familie zo benadeeld heeft, die zo ontzettend de fout in is gegaan weer thuis is, en wat zijn ze blij. Wij houden van je. Hier hoor je thuis. Maar daar eindigt het verhaal niet. Er is een tweede zoon. De oudere broer. Heeft iemand van jullie een oudere broer of zus? Misschien ben je de oudere broer of zus. Misschien mag je die knul wel. Ik wel. Hij komt naar huis, misschien met een spade over zijn schouder. Hij heeft de hele dag hard gewerkt. Hij is slim en heeft verantwoordelijkheidsgevoel. Je kunt op hem rekenen. Hij is altijd trouw

aan zijn vader. Kortom, de ideale zoon. Hij komt naar huis en hoort vanaf een afstand muziek. Hij ziet licht en mensen die samendrommen rond zijn huis. Er staan tenten en het ruikt naar heerlijk eten. Wat gebeurt hier, denkt hij. Hij kijkt een van de andere landarbeiders aan en vraagt: Wat is daar aan de hand? Heb je het niet gehoord, zegt die. Je broer is weer thuis. Je vader heeft het gemeste kalf voor hem geslacht. Het gemeste kalf was natuurlijk het beste en duurste eten dat je kon serveren. Als de zoon dat hoort, vindt hij dat walgelijk. Hij gaat maar wat klussen. Misschien deed hij of hij het hek repareerde, of zo. Hij is behoorlijk nijdig. Dit kan echt niet, zegt hij almaar. Als de vader dat hoort, rent hij ook op zijn oudste zoon af, net als op zijn jongste. Wat is er aan de hand, vraagt hij. En de oudste broer begint: Die zoon van je…Let op hoe hij zegt ‘die zoon van je’ en niet ‘mijn broer’. Die zoon van je

heeft een derde van ons land verkocht en heeft het verkwist met zijn losbandige leven. En u slacht het gemeste kalf voor hem? Voor mij hebt u nog nooit een geit geslacht. Zo staat het letterlijk in de Bijbel.

En de vader kijkt hem aan en zegt: Mijn zoon, alles wat ik bezit, is van jou. Je bent me altijd zo trouw geweest. Maar die broer van jou – hij kaatst de bal terug – die broer van jou was verdwenen en is teruggevonden. Hij was dood en leeft nu weer. En in die zinsnede ‘die broer van jou’, schuilt een beschuldiging. In die cultuur is het de taak van de grote broer om zijn kleine broertje te zoeken. Als het kleine broertje of zusje de fout in gaat moet de grote broer, de stamhouder, erop uit om hem terug te brengen. Hij moet als die herder zijn. Als die vrouw die een munt zoekt. Hij hoort zijn broertje op te sporen. Dat weet iedereen. En als de vader zegt: Die broer van je, waar je nooit naar hebt omgekeken, waar je je nooit om bekommerde, waar je nooit naar hebt gezocht, waar je nooit in geloofd hebt. Ik denk dat die oudere broer om zich beter te voelen een zondebok nodig had. Hij heeft iemand als die jongere broer nodig om ‘zie je wel’ te kunnen zeggen. Dat hebben jullie vast ook wel eens meegemaakt. Vrome mensen die je zo behandelen. Als jij het zwarte schaap bent, straalt hun eigen smetteloze inborst des te meer. Maar goed, God houdt van hen beiden. Het eindigt met: Kom en vier met ons mee. Mengt de oudere broer zich in de feestvreugde? Geen mens die het weet, want Jezus beëindigt het verhaal hier.

Hij laat het einde open en kijkt dan de Farizeeën aan. En zijn vraag is: Komen jullie erbij zitten en drinken jullie een glaasje mee met mij en de prostituees en de tollenaars? Gaan jullie deze mensen zoeken zoals de oudere broer de jongste had moeten zoeken? Ik denk dat het antwoord zeker een ‘nee’ was.

Ze gaan helemaal niemand zoeken. En Jezus zegt: Ik ben de oudere Broer. Ik ben de goede oudere Broer die de jongere broer gaat zoeken. Hij komt achter je aan. Net als de vader zegt Hij: Kom naar het feest. Vier met ons mee. Kom en vier het Paasfeest. Vier dat goede dingen gaan gebeuren in jouw leven en dat van je naaste. Misschien ben je altijd gelovig geweest, maar voel je je van binnen dood. Misschien vraagt de Heer je om dingen los te laten en naar de viering te komen. En als je zegt dat je een zondaar bent, die er een potje van gemaakt heeft en God niets doet in je leven, denk dan aan de woorden van

Augustinus: Er is geen heilige zonder verleden, en er is geen zondaar zonder toekomst. Daar gaat het om. God houdt van je en nodigt je uit.

Gebed

Buig je hoofd nu met mij. Een volgeling van Jezus worden is een beslissing. Toen Jozef het Beloofde Land binnentrok zei hij: Jullie moeten kiezen. Jullie moeten een beslissing nemen. Ik en mijn huis zullen de Heer dienen. Welke beslissing nemen jullie vandaag? Als je een christen wilt worden hoef je alleen maar in jezelf te zeggen en niet eens hardop: Ik kies ervoor om Jezus te volgen. Ik kies ervoor om U, Heer, te volgen. En als je dat vanochtend hebt gedaan, vertel dat dan aan iemand.

Vader, wij houden van U. Wij danken U dat U de Vader van de verlorenen bent. Zo vrijgevig, zo genereus, zo liefdevol dat U op ons af zou rennen. Dat U naar ons op zoek zou gaan. Dat wij voor U nooit te ver weg zijn, dat U altijd met ons bent. Dat uw liefde ons nooit zal verlaten. Dat niets ons kan scheiden van de liefde van God. Heer, wij houden van U. In Jezus’ naam bidden wij, amen.

Zegen

De Here zegene u en behoede u. De Here doe zijn aangezicht over u lichten en zij u genadig.

De Here verheffe zijn aangezicht over u en geve u vrede.

In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.

Koor – “Halleluja Chorus”

Halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja

Koning der koningen, en Heer der heren

Koning der koningen, en Heer der heren

En Hij zal regeren tot in alle eeuwigheid

Voor eeuwig en altijd, voor eeuwig en altijd

Halleluja, halleluja, halleluja, halleluja, halleluja

Ik ben er!

12 april 2020 Duur: 60 min.

Aanmelden nieuwsbrief

Wil jij een optimale website? Dan hebben we wat cookies van je nodig. Pas mijn voorkeuren aan