Twee vaders rouwen om hun kinderen
'Het is een van de pijnlijkste vormen van verlies: je kind moeten afstaan. Bjorn Visser verloor zijn tweelingdochters Anna en Lynn en Timon zijn zoontje Levi. Rouwen om je kinderen, hoe doe je dat? Afgelopen Vaderdag vertelden beide vaders hoe ze in de donkerste dagen hun geloof niet verloren, maar juist God opnieuw leerden kennen. Niet als theorie, maar als Iemand die meehuilt.
Het was november 2018. Bjorn en zijn vrouw Inge gingen voor een standaard controle naar het ziekenhuis. Hun tweeling was dertig weken onderweg. Plots sloeg de sfeer om. ‘Lynn had geen vruchtwater meer, Anna juist alles. Hun hartslag was onregelmatig. We moesten direct met spoed een keizersnede laten uitvoeren. Om half twee kwamen we aan, om kwart over vier waren ze geboren. De eerste uren gaven hoop, maar op de derde nacht stortte onze wereld in. We werden wakker gemaakt: “Jullie moeten nu komen, want jullie moeten afscheid nemen van Anna.” Alles wat je dan nog ooit tegen je kind zou willen zeggen, komt er op dat moment uit. Alles.’
God weet hoe het is om een kind te verliezen
Weer afscheid nemen
Bjorn herinnert zich hoe verscheurd hij zich voelde. Zijn vrouw Inge was herstellende van de keizersnede, Lynn vocht voor haar leven, en nu moest hij ook nog afscheid nemen van hun pasgeboren dochter. ‘Voor wie van mijn drie meiden moest ik er op dat moment zijn? Toch ging ik door, want Lynn leefde nog. Maar de volgende dag volgde een nieuwe klap: ook zij bleek een ernstige hersenbloeding te hebben gehad. Toen kregen we te horen dat ook zij het niet zou overleven en we moesten ook van haar afscheid nemen.’
Waar was God?
Bjorn is theoloog. Hij kent de antwoorden over lijden. Maar theorie is iets anders dan leven. ‘We hadden zó gebeden. Kerken stonden voor ons in gebed. God had kunnen ingrijpen. Maar dat gebeurde niet. Dus ja, de vraag ‘waar was U?’ kwam heel rauw op mij af. Tijdens een gebed kwam een beeld op mij af. Ik zag de NICU, de couveuses. En daar tussenin stond God. Huilend. Ik dacht: als iemand weet wat het is om een kind te verliezen, dan is het God zelf. Hij gaf zijn eigen Zoon. Toch weet je niet hoe je moet rouwen om een kind.’
Zelfs Jezus huilde. Waarom zouden wij onze tranen dan wegstoppen?
Hoop en vrees
Timon knikt instemmend. Ook hij weet wat het is om je kind te verliezen. ‘Levi was zeven maanden en kerngezond. Er was niets aan de hand, tot die ene dag bij de oppas. We kregen ineens dat telefoontje: het ging helemaal mis. Levi had vermoedelijk een ademstilstand gekregen tijdens zijn slaap. Hij werd nog gereanimeerd en met spoed naar het Sofia Kinderziekenhuis in Rotterdam gebracht. Vijf dagen lang leefden we tussen hoop en vrees. Toen moesten we hem toch uit onze handen in Gods handen leggen.’
Boos op God
‘We zongen over hoop terwijl het leven uit Levi wegliep. Het lied ‘Een toekomst vol van hoop’ is sindsdien nooit meer hetzelfde. Ik krijg nog steeds een brok in mijn keel als ik het hoor. Ook volgde boosheid. Ik heb het uitgeschreeuwd tegen de arts. Als God op dat moment tegenover me had gestaan, had ik Hem misschien wel neergeslagen. Zo boos en teleurgesteld was ik.’
God stond huilend tussen de couveuses
Brief
Toch veranderde er iets voor beide mannen. Juist in hun wanhoop en boosheid ontdekten ze dat God niet wegbleef. Timon zegt: ‘Achteraf zie ik: God was er wel. Levi heeft Caroline en mij dichter bij elkaar gebracht. Zijn naam betekent ‘verbinder’. En dat is hij echt geweest.’ Bjorn verwoordt het zo: ‘Wat mij gaande heeft gehouden, is dat ene beeld tijdens het gebed: God die daar stond tussen de couveuses. Niet afwezig, maar huilend. Dat beeld heeft mij nooit meer losgelaten.’ Timon: ‘Levi werd bij ons in het dorp de ‘kleine evangelist’ genoemd. Zijn verhaal heeft miljoenen mensen bereikt, ook via video’s. En zo konden we iets vertellen over onze Schepper. Ik heb in die tijd een brief geschreven aan Levi.’
Bij God
‘De pijn blijft,’ zegt Bjorn. ‘Maar het leven krijgt eromheen meer ruimte. Het gemis verdwijnt niet, maar ik weet zeker dat ik Anna en Lynn terugzie. Voor ons is het geen vaarwel, maar een tot ziens. Tot straks, bij God.’ Timon knikt: ‘Psalm 42: ‘Maar de HEERE zal uitkomst geven.’ Dat is voor mij een levensmotto geworden. Want wat er ook gebeurt, de dood heeft niet het laatste woord.’